Ndakumeye

Het is 18 november 2018.

Ndakumeye: Met mij gaat het goed. Nkora kwa Legentil: Ik werk in het CNPK. Het is bijzonder om meer van de taal Ikirundi te begrijpen. Het is een taal vol raadsels, zoals de Burundezen zelf ook zijn. Het moet zacht worden gesproken, je moet de woorden afzonderlijk eigenlijk ook nog eens raden dus. Zo hebben de maanden van het jaar allemaal een betekenis die logisch is, maar die je niet begrijpt als je de situatie niet kent. Januari: de koeien lopen nu overal rond om gras te zoeken (Nzero). Februari: de wind waait, de regen stort omlaag, dus je hoort steeds ‘huhu’ (Ruhuhuma). Maart: hoe kan ik dit allemaal op mijn hoofd dragen, want het is een goede oogst (Ntwarante). April: het water stroomt over de rand van de rivier, dus groet me vanuit de verte want ik kan niet naar je toekomen (Ndamukiza). Enz.

Burundi is het land zonder McDonalds, het land met broeken vol gaten die niet modieus bedoeld zijn, het land dat momenteel verdient aan handel met Oost-Congo waar de onlusten andere import bemoeilijken, het land waar 90% van de mensen afhankelijk is van landbouw en het land waar de overheid zelf het heft in handen wil nemen en dus de inter-Burundese dialoog (met de oppositie) die vanuit het buitenland wordt aangezwengeld niet accepteert. Het land waar veel te zeggen valt over wel of niet vrije verkiezingen en andere aspecten van democratie, zoals het beschermen van rechten van minderheden, vrije pers en onafhankelijke rechtspraak. En het land waar het begrip ‘neokoloniale arrogantie’ niet letterlijk wordt benoemd, maar waar wel steeds duidelijker wordt dat men zelf wil regeren en niet aan de hand van andere naties wil lopen. Burundi wil gelijkheid van mensen, maar niet onder buitenlandse voorwaarden. Een groot deel van de bevolking accepteert deze overheidsopstelling en steunt die vaak, al betekent het misschien minder rijkdom. Burundezen zijn wel wat gewend. Er zit een soort durf in de huidige opstelling. Wat moeten we ervan vinden? Als het niet kan zoals het moet, dan moet het maar zoals het kan? Maar wat is moeten? In veel landen is de rechtsstaat discutabel en momenteel met elders meer uitwassen dan in Burundi. Toch hangt er altijd een buitenlands waas van kritiek over Burundi, over bedreiging van de vrede. In het dagelijkse leven, dat ik 6 maanden per jaar meemaak, zie ik in organisaties eenzelfde soort problemen als in de Nederlandse omgeving, met soms een dwarsliggende ondernemingsraad, soms een staking (maar niet zoals nu in Frankrijk met een dode en gewonden), met gedeeld lief en leed. Ik zie veel hartelijkheid en de moed om te vergeven, dat heeft dit land moeten leren. Maar dit proces is nog lang niet af, want de mensen die nu terugkeren na hun vlucht in 2015 worden niet hartelijk ontvangen en integreren niet makkelijk, kunnen geen stukje grond bemachtigen en blijven erg kwetsbaar. En wat ook niet moet worden vergeten is dat het niet eenvoudig is om luxe voorzieningen zoals elektra en vervoer snel en betaalbaar te regelen. Is dat trouwens wel luxe of gewoon een noodzaak om een volwaardig leven te kunnen leiden en samen een economie op gang te brengen? Hoeveel mensen hebben er hier niet eens gewoon water? Een gemiddelde Burundees klaagt niet als individu en accepteert hoe het leven zich afspeelt. Een medewerker van het CNPK die zijn kind verloor van de ene dag op de andere, kwam na een paar dagen alweer werken. Zijn collega’s steunden hem en dat deed hem goed. Het werkwoord se débrouiller (zich erdoorheen slaan) wordt hier dagelijks gebruikt. Het is een collectieve coping, lijkt het wel. Zelfs de patiënt met posttraumatische stress in de vorm van een psychose, die ik pas geleden mocht helpen, maakte er geen probleem van dat het niet zo goed met hem ging. Hij legde uit dat hij geen slecht leven had, al waren de nachtmerries en hallucinaties wel vervelend. Het lijkt wel alsof iedereen hier kan navigeren op de wind van vandaag, omdat die van gisteren er niet meer is en die van morgen nog onbekend is. Maar als wij net zo zouden relativeren als Burundezen, raken we misschien blind voor de echte kansen in het leven en voor het recht op een goed leven en een echte rechtsstaat. Die kansen zijn hier nodig en nog veel te weinig aanwezig. Ook al neemt men het hier zoals het komt, het kan echt wel beter. Het is nog te vaak ‘februari’ met storm en regen, en te weinig ‘maart’ met een mooie oogst. Maar het is erg aangenaam dat mensen elkaar blijven groeten, ook als de rivier ze een tijdje bij elkaar weghoudt zoals in ‘april’.

Tot een volgende keer en veel groeten!

Amy