Rechten

19 september 2020

In juni van dit jaar werd een US-rapport gepresenteerd over mensenhandel (TIP Report), waarin werd verwoord dat de landen van de Oost-Afrikaanse Gemeenschap onvoldoende resultaat hebben bereikt in de bestrijding van mensenhandel. Het betreft Kenia, Oeganda, Tanzania, Burundi, Rwanda en Zuid-Soedan. Van vier landen is vastgesteld dat zij wel hebben geïnvesteerd in het bestrijden van mensenhandel en dwangarbeid: in Kenia, Rwanda, Oeganda en Tanzania samen zijn 1110 slachtoffers vastgesteld. Zowel Zuid-Soedan als Burundi hebben volgens het US-rapport geen inspanningen geleverd. Hierdoor riskeren deze beide landen een vermindering van ondersteuning door multilaterale ontwikkelingsbanken, onder andere op gebied van culturele uitwisseling en opleiding. Burundi zou geen onderzoek hebben gedaan en niemand hebben vervolgd of veroordeeld voor mensenhandel of dwangarbeid gedurende vijf opeenvolgende jaren. Ook ontbraken procedures om slachtoffers te herkennen en hen te verwijzen naar ondersteunende diensten. In Zuid-Soedan had al acht jaar (dus sinds het ontstaan als onafhankelijk land) geen onderzoek of vervolging plaatsgevonden. Wel had de Burundese regering enkele kleine stappen genomen door training van een internationale organisatie aan immigratie-functionarissen en preventiecampagnes.

Op 17 september 2020 verschenen bezorgde berichten naar aanleiding van een UN-onderzoeksrapport over onder andere het functioneren van de nieuwe Burundese president. Het rapport stelt dat president Ndayishimiye sleutelposten in Burundi heeft toebedeeld aan personen die internationale sancties kunnen verwachten voor het schenden van mensenrechten in het politiek chaotische jaar 2015. Het betreft Eerste Minister Alain Guillaume Bunyoni, Minister van Veiligheid Gervais Ndirakobuca. Het rapport stelt eveneens dat voorafgaand aan de veelbesproken verkiezingen van mei 2020 gerichte moorden, intimidatie en seksueel geweld plaatsvonden tegen aanhangers van de oppositie. Kinderen werden gedwongen om deel te nemen aan partijbijeenkomsten van de machtspartij CNDD-FDD. Ook moesten zij volgens het rapport gaan stemmen met stembiljetten van overledenen of verbannen stemgerechtigden. Sommige daden kunnen worden gerekend onder misdaden tegen de menselijkheid. Het rapport beschrijft dat het hoofdzakelijke daders leden waren van de Imbonerakure, de jeugdtak van de CNDD-FDD (KzG: FDD staat voor ‘Forces pour la Défense de la Démocratie’, een gewapende militie); daarnaast worden politie en geheime dienst genoemd. Citaat: “They have continued to enjoy nearly total impunity.” Seksueel geweld zou een gebruikelijk middel zijn om informatie te verzamelen, vaak tijdens detentie, en zou volgens het UN-rapport in relatie staan tot “deeply held cultural taboos.” De Burundese overheid zou niet hebben gereageerd op contactname van de onderzoekscommissie van de UN. Burundi’s Minister Mensenrechten, Imelde Sabushimike, meldde dat de regering niet kan reageren op een rapport dat niet is gezien. In het verleden werd door de regering gesteld dat dergelijke rapporten erop gericht zijn om het imago van het land te beschadigen. Hoewel de vorige president het land terugtrok uit het Internationale Strafhof (ICC) gaat het ICC door met onderzoek naar daden in Burundi.

In het UN-rapport wordt gemeld dat president Ndayishimiye de corona pandemie serieuzer neemt dan zijn voorganger. Maar deze president doet er weinig aan om de democratische ruimte te herstellen of de vrijheid van burgers te beschermen. Het rapport dringt aan op onmiddellijke vrijlating van mensenrechtenactivisten, politieke gevangenen en journalisten die om twijfelachtige redenen worden vastgehouden. Daarnaast bericht het rapport over wijdverspreide corruptie, een gemiddelde schoolcarrière van maximaal drie jaar en toegang tot elektriciteit voor minder dan 5% van de bevolking.
Leestip over energie:
‘Stroom eerst, dan klimaat’ in De Volkskrantrubriek ‘Opinie’ van 19 september 2020. Hierin staat enerzijds min of meer dat inwoners van arme landen niet aan strengere klimaatregels kunnen worden gebonden dan industrielanden, en anderzijds dat de wereld nog lang toe kan met gasvoorraden uit onder andere Afrika. KzG: Het innemen van Afrikaanse bodemschatten in het verleden heeft armoede en achterstand gebracht, zoals heel weinig huishoudens en bedrijven met toegang tot energie. Voor het exploiteren van Afrikaans gas zou nu dus wel een stevig verdienmodel voor Afrika op zijn plaats zijn, als het continent het gas überhaupt al missen kan.

In het rapport wordt de Burundese regering opgeroepen om de samenwerking met de WHO (Wereldgezondheidsorganisatie van de UN) te hervatten. Voorafgaand aan de verkiezingen van mei 2020 werden WHO-officials het land uitgezet nadat zij hadden gewaarschuwd voor gezondheidsrisico’s door de verkiezingscampagnes tijdens de coronapandemie. De pandemie heeft het werk van de UN-onderzoekscommissie beperkt op gebied van andere vermeende misstanden, zo valt te lezen. Het rapport is samengesteld op basis van meer dan 300 interviews, meer dan 1000 verklaringen en bezoeken aan buurlanden.

Verantwoording:
De informatie die is benut voor dit bericht van Kennis zonder Grenzen is afkomstig van openbare media. De foto van de regering is een detail uit Agnews. President Ndayishimiye heeft een stok in zijn hand; rechts van hem Minister President Bunyoni.

Post navigation