1 september 2015
Een bekende uit Burundi zegt ons altijd dat hij niet gelooft in politiek. Hij gaat dus ook niet stemmen. Hij heeft genoeg familie verloren in de voorgaande decades en genoeg opleiding gehad om te weten wat hij zegt en doet. Hij is een vredelievende man, die hard werkt. Bij de RPA lezen we ‘La fuite des cerveaux en Afrique: Le Burundi, au dernier rang pour retenir ses cadres les plus compétents.’ In het artikel staat dat de stem van intellectuele Burundesen in de crisis niet wordt gehoord. Toen de onafhankelijke media niet mochten spreken werd het politieke debat in Burundi gedomineerd door sympatisanten van het regime en militanten van de oppositie. In The Global Competitiveness Report 2014 – 2015 is te lezen dat hoog opgeleide mensen vaak het Afrikaanse land verlaten, maar niet alleen Burundi, ook Algerije, Mauretanië, Chad, Guinée Conakry en Zimbabwe. Rwanda, Kenia, Marokko en Ivoorkust weten hun intellectuelen wel te boeien en ook Marokko, Zuid-Afrika en Nigeria doen het goed. Rwanda staat bovendien aan de top van landen die getalenteerden uit andere landen weten binnen te halen. Wat betreft economische vooruitgang staat Burundi helemaal onderaan, achter Libië en Algerije, terwijl Rwanda aan de top staat. Onze bekende, die niet gaat stemmen, heeft lang buiten Burundi gewoond. Hij heeft de keuze gemaakt om terug te gaan, omdat hij er niet tegen kon dat hij elders nooit hulp van andere mensen kreeg. Dus hij is wel aanwezig en helpt anderen op zijn Burundees, maar laat zijn stem niet horen over politiek. Het verleden heeft hij niet kunnen verwerken, maar hij laat zich niet leven.
Mensen met minder scholingskansen worden vaak wel geleefd in Burundi. Nu het volgens onze bronnen relatief rustig is geworden (het is een bijzondere relativering dat er ‘maar’ drie doden zijn gevallen in de afgelopen dagen), willen we vanuit Kennis zonder Grenzen verder met ons werk. Een land dat economisch mee wil draaien, moet aan het werk: daar moeten de mensen werken. Het wordt tijd dat dit gebeurt. We gaan weer door met het steunen van individuen of kleine groepen die iets willen leren om er een bedrijvigheid mee te kunnen opzetten. We doen dit in hun belang, zodat hun zelfredzaamheid groter kan worden. Dat het ook in bescheiden mate bijdraagt aan de opbouw van de economie, waar de regering dit heeft laten hangen, is een extra stimulans. We gaan bottom-up, met een organisatie als Adisco als stimulerend voorbeeld.
In een staat wonen mensen, die ook als de regering het niet handig aanpakt, als individu recht hebben op een kans. Er zijn weinig landen die met Burundi handel drijven. De grotere NGO’s stellen zelfs dat dit alleen nog maar zal afnemen. Wie draagt er dan bij aan een beter economisch klimaat? Onze bekende, die we hierboven hebben aangehaald, doet dat wel. Laten we zeggen dat elke euro net als kennis telt en dat ook wij, hoe beperkt ook, kunnen bijdragen. Dus we blijven aan de gang met donaties zoeken en het matchen van Nederlanders en Belgen met Burundesen die iets willen bereiken.
Verantwoording:
De informatie die is gebruikt voor dit bericht van Kennis zonder Grenzen is verkregen van openbare media en van bekenden in Burundi.