Wat als…

30 december 2015

Het slechtst denkbare scenario voor Burundi is een burgeroorlog met regionale gevolgen. Dit kan ontstaan wanneer de politieke of diplomatieke dialoog faalt en de regering de grondwet verandert en de voorwaarden bij het Arusha Akkoord verwerpt. De mandaatbeperking voor een president kan worden opgeheven en het opgelegde evenwicht tussen etnische groepen kan worden losgelaten. Polarisatie binnen het politieke toneel zal dan het gevolg zijn, net als verdeeldheid tussen divisies van leger en politie. Economisch gaat het dan vermoedelijk al snel zo slecht, dat ambtenaren niet meer kunnen worden betaald. De sociale onrust en verdere polarisatie die daar het gevolg van zouden zijn, lopen dan uit in onderdrukking volgens etnische sociale lijnen. Daarmee zal de huidige elite de vermeende opponenten willen overheersen. Er zal geweld ontstaan tussen de gewapende groepen, die groter zijn geworden en zich meer en meer als een echt leger gaan organiseren. Naast hun guerilla-activiteiten zullen ze ook welhaast militaire tactieken gaan toepassen. In stad en land zullen door de gevechten nauwelijks veilige gebieden overblijven. De macht en kracht van het leger neemt af. In geval het staatshoofd op gewelddadige wijze zou omkomen, raakt de machtsbalans nog verder verstoord. Gematigde groepen zouden dan hun kans kunnen benutten om de politieke leiding te nemen en een dialoog op gang te brengen, die tot een overgangsregering zou kunnen leiden, maar aannemelijker is dat extremisten van de regeringspartij direct de controle overnemen en de regering voortzetten. Een ander mogelijk alternatief is dat de machtspartij sterk verdeeld raakt (wat nu in beperktere mate al het geval lijkt), wat zijn weerslag zou hebben op het veiligheidsapparaat, met als gevolg uiteindelijk een burgeroorlog.

Een nieuwe burgeroorlog zal gevolgen hebben voor de regio’s Noord- en Zuid Kivu in het oosten van DR Congo. In Congo zijn verkiezingen gepland in 2016, waardoor het er onrustig is, omdat ook in Congo de mandaatskwestie voor de president speelt (op een iets andere wijze dan in Burundi). Dit deel van Oost-Congo zal een vrijplaats worden voor gewapende groepen en het slagveld van het regionale conflict worden. De relatie tussen Rwanda en Burundi zal verder verslechteren en er zullen af en toe gewapende confrontaties ontstaan. Burundi zal Rwanda beschuldigen van steun aan Burundese gewapende groepen en Rwanda zal Burundi beschuldigen van onwettige destabiliserende activiteiten gericht op Rwanda, zoals steun aan de FDLR (zie toelichting hieronder). Rwanda zal onder dit argument Oost Congo binnenvallen. De FDLR zal hoe dan ook Rwanda proberen te infiltreren. Congolese groepen kunnen Burundi als slagveld gaan gebruiken om hun positie te versterken. Met dit scenario wordt het hele Grote Merengebied getroffen en instabiel.

(Toelichting: De Forces démocratiques de libération du Rwanda, (FDLR)) is een Rwandese rebellenbeweging bestaande uit Hutu’s die in 2000 werd opgericht in het oosten van naburig Congo. De beweging ontstond uit het samengaan van het Rwandees Bevrijdingsleger (ALiR) en de Hutu-verzetsbeweging in Congo. Het ALiR omvatte onder meer de Interahamwe en veel Rwandese militairen die in 1994 bij de Rwandese genocide waren betrokken en naar Congo waren gevlucht nadat in juli 1994 het Rwandees Patriottisch Front (RPF) de macht in Rwanda had overgenomen. De sterkte van de FDLR werd in het begin op vijftien- tot twintigduizend geschat. Het demobilisatieprogramma van de VN heeft al zo’n tienduizend onder hen ontwapend. In november 2012 schatte de MONUSCO-vredesmacht hun aantal op minder dan vierduizend. De FDLR vecht tegen de Rwandese strijdkrachten, die grotendeels bestaan uit voormalige rebellen van het RPF, geleid door de latere Rwandese president Paul Kagame. Deze Tutsi-rebellenbeweging heeft na de genocide de controle over Rwanda veroverd. Het Rwandese leger viel Oost-Congo herhaaldelijk binnen op jacht naar FDLR-rebellen. In Congo werd door de FDLR ook tegen de Congolese Vereniging voor Democratie (RDC) gevochten, een Congolese Tutsi-rebellenbeweging die door Rwanda werd gesteund.)

Het komt dan neer op een verdere destabilisatie in het Grote Merengebied, waarbij zowel Rwanda als Burundi en Burundese gewapende groepen hun (leger)troepen zullen versterken om hun respectievelijke bondgenoten in Oost-Congo bij te staan. Instabiliteit in Oost-Congo zou Rwanda’s president Kagame van pas kunnen komen om het verkiezingsproces in Rwanda in 2017 te vertragen of verstoren (ook daar speelt een mandaatskwestie). Het kan niet worden verwacht dat het Congolese leger (FARDC) of een internationale vredesmissie, zoals de nog altijd in DR Congo aanwezige MONUSCO, op korte termijn in een dergelijke situatie stabiliteit tot stand kan brengen. Uiteindelijk zal dan een veel grotere internationale vredesmissie moeten worden ingezet.

Verantwoording:
De informatie die is gebruikt voor dit bericht van Kennis zonder Grenzen is verkregen van openbare media en van bekenden uit Burundi, Rwanda, België en Nederland. De foto is overgenomen van Reuters.