21 oktober 2016
Het heeft tijd gekost om weer naar Burundi terug te kunnen gaan. De crisis vanaf 2015, door iedereen gewoon aangeduid als ‘de crisis’, heeft geleid tot geldontwaarding en hogere prijzen, terwijl er geen export plaatsvindt. Het levert het land op zich dus niets op. Veel mensen zijn werkeloos geworden. Initiatief nemen om een eigen bedrijfje op te zetten is niet eenvoudig, omdat het veel planning en voorfinanciering vraagt. Mikrofinanciering wordt rond landbouwprojecten, voor velen de enige mogelijkheid wegens gebrek aan verdere opleiding, als onmogelijk gezien vanwege sterk wisselende oogsten. Met één geweldige regenbui kan je hele oogst worden weggevaagd en kan je je schuld niet meer afbetalen. Maar zelfs een gebouw kan weg regenen, zoals afgelopen week in de noordelijke provincie Cibitoke het geval was: drie klaslokalen spoelden weg. Er wordt overal in het land nog wel gezongen en getrommeld af en toe, maar het lijkt minder dan voorheen. Mensen blijven vriendelijk en het is makkelijk om contacten te maken. In de hoofdstad vinden af en toe manifestaties plaats tegen werkeloosheid, of voor betere arbeidsrechten, maar ook wel tegen UN-uitspraken, die rustig verlopen. Wel zorgen ze voor verkeersinfarcten. In de openbare ruimte zijn gewapende militairen en politiemensen aanwezig, wat tegen onze gevoelens in mensen een gevoel van veiligheid geeft. Op herdenkingsdagen die de democratie aangaan, zoals 13 oktober en vandaag, zijn veel wegen afgesloten.
De Burundese regering heeft als eerste land aangegeven het Internationale Strafhof te willen verlaten. Een lid van het strafhof kan pas een jaar na een dergelijke aankondiging inderdaad uittreden, maar het bericht zou het strafhof nog niet officieel hebben bereikt. Enkele onderzoekers van mensenrechten vanuit de VN werd de toegang tot Burundi recent geweigerd. Afrikaanse landen klagen dat het strafhof alleen onderzoek doet in Afrika en niet in de rest van de wereld. Gisteren heeft ook Zuid-Afrika laten weten het strafhof te gaan verlaten, maar vanuit een ander motief dan Burundi lijkt te hebben. Zuid-Afrika geeft aan dat de door dit land uitgevoerde verzoeningsstrategie niet verenigbaar is met onderzoek en straffen zoals uitgevoerd door het Internationale Strafhof.
Op bezoek bij het visproject in het centraal gelegen Mageyo, op 20 minuten afstand van de hoofdstad, konden we zien hoe de vier vijvers als terrassen boven elkaar zijn aangelegd, versterkt met stenen. Dat moet een enorme inspanning zijn geweest op deze locatie, want het dorp met 6000 inwoners ligt op een uur klimmen vanaf de doorgaande weg. Het water in de vijvers wordt voortdurend ververst door de stroompjes vanaf de berg, en door de terrasvorm stroomt het door naar elk volgend niveau via een buizensysteem. De laagste vijver heeft een overloop, wat nodig is als het veel heeft geregend. Het vruchtbare water komt dan weer beschikbaar voor de bonen-, mais- en luengaluengaveldjes eromheen. De regentijd laat hier nog op zich wachten, maar het dorp is klaar voor de visvangst, die met de regentijd begint. De vijvers laat men dan voor een deel leeglopen, wat het vangen van de vis makkelijker maakt. De kleintjes blijven in de vijvers en vermenigvuldigen zich voor een volgende visvangst, en ook worden er verkocht als kweekvis. De regen vult de vijvers weer snel. Een heel ecologisch systeem is erbij uitgedacht. Het dorp heeft geen aansluiting op elektra, maar er is één zonnepaneel voor algemeen gebruik. Het verkooppunt voor de vis bevindt zich langs de doorgaande weg, te ver van het zonnepaneel. Hopelijk kan er van de opbrengst van de tilapia en meerval een tweede zonnepaneel worden gekocht, en een koeling. Nu moeten de vissen eerst nog worden gedroogd. Het dorp werd in 1993 aangevallen en verwoest en de mensen die overleefden vluchtten, maar kwamen in 1996 terug. Samen bouwden ze nieuwe huisjes en het dorp functioneert sindsdien als een coöperatie. De dorpsleider regelt de interne zaken en er is een tweede leider die externe contacten onderhoudt en vernieuwing brengt, zoals een waterput en het zonnepaneel. Deze laatste is ook de leider van het visproject, dat nu op eigen kracht zonder externe financiering verder gaat. In het project zijn verder een technicus en een viskweker degenen die leiding geven. Inmiddels is een vijfde vijver gerealiseerd en zijn er proefopstellingen voor kleinvee met veel leefruimte boven de vijvers, waardoor natuurlijke mest zonder terugkerende kosten als visvoer in het water komt. We zijn trots op dit gerealiseerde project en hebben de financier de hartelijke dank vanuit Mageyo overgebracht.
Verantwoording:
De informatie die is gebruikt voor dit bericht van Kennis zonder Grenzen is verkregen door eigen waarneming, van openbare media en van bekenden uit Burundi.