Hoe werkt de bakkerij

22 juni 2017

Akabirya, dat betekent zoiets als ‘Wij doen het beter’. Akabirya is de naam van de bakkerij die Kennis zonder Grenzen samen met de Burundese organisatie OPDE wist te realiseren in de gemeente Isare in de provincie Bujumbura Rural in Burundi. De NGO OPDE (Oeuvre Humanitaire pour la Protection et le Développement de l’Enfant en Difficulté) vangt straatkinderen op in twee transit centra, een voor jongens en een voor meisjes. Deze kinderen zijn soms wezen, maar soms zijn ze gewoon verstoten door hun ouders, of zijn ze verloren geraakt. Burundese vluchtelingen die in het verleden in kampen in Tanzania zijn terecht gekomen, kunnen soms na meer dan twintig jaar pas terug naar hun geboorteland. Dit is niet eenvoudig. Ze zijn verplicht zich te laten opnemen in een Burundees kamp net over de grens met Tanzania. Daar is het geen vetpot en er heersen ziektes. De terugkerende vluchtelingen weten niet wanneer ze toestemming krijgen om naar hun eigen dorp terug te gaan. Dat kan ook nog jaren duren en als ze er al aankomen, is hun bezit waarschijnlijk ingenomen door anderen en moeten ze maar zien hoe ze een leven opbouwen. Hun kinderen, soms al derde generatie vluchtelingen, zijn dikwijls niet geschoold. Soms raken de kinderen kwijt op de tocht door het land. Of de kinderen besluiten hun leven elders te zoeken en lopen dagen om naar de hoofdstad te komen.

Soms worden verdwaalde kinderen van nog geen drie jaar oud opgevangen door de OPDE. Soms wordt een baby gevonden, eentje was er zelfs in het water gegooid, ingepakt in een zak die werd opengemaakt door andere kinderen omdat de zak bewoog. Maar meestal zijn de kinderen iets ouder en hebben zich in leven weten te houden, voordat ze in beeld komen bij de OPDE. Het zijn allemaal treurige verhalen. De OPDE neemt ze op in een transit centrum, laat hun ziektes behandelen en zoekt een pleeggezin voor ze in Bujumbura. Daar gaan ze dan naar de reguliere basisschool. De eigen families van de kinderen worden met alle mogelijke middelen door de OPDE opgespoord en hun re-integratie in het eigen gezin wordt zo mogelijk in gang gezet, waarbij ook de familie ondersteuning krijgt. Na het basisonderwijs kunnen de kinderen verder leren als daar geld voor is en de OPDE doet zijn best om dit financieel tot stand te brengen, wat niet altijd lukt. Kennis zonder Grenzen ondersteunt de OPDE om voor groepjes van deze jongeren, jongens en meisjes, een bakkersopleiding te realiseren. Het eerste project in de gemeente Isare, dat hoog in de heuvels ligt op ruim een uur lopen van Bujumbura, is tot stand gebracht. Veertien jongeren hebben een bakkersopleiding gehad, hebben zelf een oven leren bouwen en kunnen de oven onderhouden en repareren als dat nodig is. Ze hebben een gebouw kunnen huren, hebben bakkersbenodigdheden kunnen kopen, hebben van hun opbrengsten een stuk land gekocht om legaal verzekerd te zijn van voldoende hout voor de oven. Ze verwerken twintig grote zakken meel per week. Ze werken met katoenolie, wat een betere smaak geeft en minder tot erosie leidt dan palmolie. Het is hard werken om de broodjes, broden en cakes te fabriceren, maar ze werken vol overgave in een setting zonder elektra. De producten worden goed verkocht tegen een eerlijke prijs (omgerekend nog geen 3,5 eurocent), waardoor de bevolking in de regio van Isare ook beter voedsel ter beschikking heeft en niet alleen van maniok en bananen hoeft te leven. De bakkers hebben nu allemaal een ziektekostenverzekering, omdat Kennis zonder Grenzen dit als voorwaarde stelt bij het aangaan van het contract voor de ondersteuning. Daar zijn de bakkers erg tevreden over. De bakkers leggen elk kwartaal verantwoording af. Met een eenmalig startbudget hebben ze een mooi bedrijf opgebouwd, waar ze erg trots op zijn. Het is een ambitieuze coöperatie waarin iedereen meebeslist en meedeelt. Ze zijn zelfstandig en zelfredzaam geworden. Nu wordt er gespaard voor een elektra aansluiting en voor een industriële mixer. De volgende stap is een cafetaria in het voorgebouw van de bakkerij.

Soms wordt ons in Nederland gevraagd of Burundesen wel iets hebben aan brood, omdat zij niet gewend zijn dit te eten. Ja, ze hebben iets aan brood, heel veel zelfs, nu het beschikbaar is. Wat je niet hebt, kun je niet eten, maar brood is een wezenlijke aanvulling. Ook wordt wel gevraagd of een houtoven niet slecht is voor het milieu. We zijn ervan overtuigd dat er betere oplossingen zijn dan een houtoven, maar elektrische ovens zijn daar hoog in de heuvels voorlopig onmogelijk. De stroom valt in het hele land vaak uit, als er al een voorziening is, en bovendien gaan elektrische apparaten vaak stuk, wat we in de hoofdstad al hebben gezien. En dan staat die oven daar werkeloos te verroesten en te wachten op buitenlandse reparateurs die niet komen. Zolang er geen kennis en budget naar dit land komt om infrastructuur, faciliteiten en een economie tot stand te brengen, mag je de bevolking niet ondervoed laten omwille van de normen die elders in de wereld worden gesteld om de eigen vervuilende gedragingen te corrigeren. Burundi is een vergeten land.

Recent hebben we vanuit Kennis zonder Grenzen een nieuw contract afgesloten voor een bakkerij. Ditmaal zal de OPDE werken aan een bakkerij voor veertien ex-straatkinderen in de gemeente Kabezi, drie kwartier lopen van Bujumbura naar het zuiden, op de vlakte niet ver van het meer Lac Tanganyika. Kennis zonder Grenzen is een kleine organisatie, maar we kunnen dankzij donateurs via scholing tot een baangarantie komen voor groepen kwetsbare jonge mensen. Dat betekent zelfredzaamheid en een positie in de wereld. Dat is eigenlijk best groots.