Hoe langer hoe meer

22 juni 2014

Hoe langer je kijkt in het landschap, naar de heuvels, het water, de weggetjes, het bos, deste meer mensen je ziet. Het zijn echte zoekplaatjes. In het land waar Stanley en Livingstone elkaar troffen (dit wordt overigens door verschillende landen geclaimd) wonen meer dan 300 mensen op een vierkante kilometer. Het gemiddelde bedrag dat per persoon per dag kan worden besteed is minder dan een dollar. In de heuvels leven de mensen erg armoedig. Zij hebben nog minder dan het gemiddelde te besteden en benutten hun kleine landjes om hun dagelijkse maaltijden op te verbouwen. Het aantal inwoners in de steden, hoofdzakelijk Bujumbura en Gitega, bedraagt 10% van de totaal ongeveer 8 miljoen mensen, dus relatief erg weinig. Dat zegt iets over de armoede.

Cijfers over Burundi verschillen nogal eens, onder andere omdat er vroeger niet werd geregistreerd. Nu men eenmaal met registreren is begonnen, is het een kunst om de achterstand aan registraties in te halen. Maar waar wordt geregistreerd, gebeurt dat met veel nauwkeurigheid. Allemaal handmatig. Maar het gaat hoe langer hoe beter.

Toch hebben de mensen hier nog een wankele basis en niet alleen omdat de meesten schoenen dragen die niet passen, of helemaal geen schoenen hebben. Die wankele basis maakt niet ongedaan dat zij meer dan wij evenwichtskunstenaars zijn. Op hun zwaarbeladen fietsen, of lopend met een landbouwwerktuig, mand of marktwaren op hun hoofd. Hoe langer hoe meer krijgen jonge mensen de kans om naar de stad te gaan, meestal voor een paar jaar. Ze verblijven dan bijvoorbeeld bij een (ver) familielid, om naar een hogere school te kunnen gaan, voor een meer solide basis van kennis. Meestal is dat maar één van de kinderen uit een gezin. De overheid biedt elk kind tegenwoordig de mogelijkheid om naar school te gaan, maar de betere particuliere scholen kunnen maar weinigen betalen. Net als de uniformen die op alle scholen worden gedragen.