Referendum van de angst

17 mei 2018

Vanmorgen vroeg stuurde een Burundese vriend me een app met een gezongen gebed op video, het Onze Vader: ‘En vergeef ons onze schulden zoals ook wij onze schuldenaars vergeven. En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van het kwade.’ Ik antwoordde ‘Laten we hopen dat de dag rustig blijft.’ Hij stuurde terug: ‘Le tout puissant est au commande. Tout sera en ordre.’

Het is nu 3 uur in de middag. Hoe ik ook mijn best doe, zoals dikwijls zijn relevante Burundese nieuwssites in Burundi zelf afgesloten. Uiteraard houd ik mij aan mijn zelf-afgesproken regels, ik ga niet de stad in tijdens het referendum. Een andere vriend die ik via app heb gevraagd hoe het in de stad is, appt me geschrokken en verontschuldigend terug: ‘Chère docteur, je vous aime beaucoup mais il faudra ne pas aller prendre des photos. Pas d’observateur sûr le terrain.’
Ik antwoord dat ik dat weet en me eraan hou, maar vraag of er journalisten zijn. Hij antwoordt: ‘Pas de journaliste étranger, il n’y a que des burundais. Ici on vit une tension car les gens ne logent même dans leurs menages.’
Geen buitenlandse waarnemers, want volgens de president heeft niemand ‘daarnaar gesolliciteerd’. Geen buitenlandse journalisten door Burundese ogen gezien. Geen Burundesen door internationale journalistieke ogen gezien.
De grapjes die ik gisteren hoorde (zie gisteren), worden vandaag niet gemaakt: teveel angst. Het enige filmpje dat ik via internet kan vinden is van de president, die met zijn vrouw vooraan in de lange rij staat om te stemmen, vriendelijk lacht en zwaait in zijn trainingspak en met zijn cowboyhoed op. De dame van de CENI, de organisatie die de verkiezingen organiseert, is er wat nerveus onder zo te zien. Het mini-filmpje eindigt met iemand (niet de president) die zijn stembiljet in een houten stembusje gooit, dat zo klein is dat de hele rij er zijn stembiljet niet in zal kwijtkunnen. Maar het stembusje staat midden op een open plek, zodat je goed kunt zien als hij zou worden gestolen of zo. Het is een raar gezicht.

Ik hoor net ook dat de stemming toch maar vast om 6 uur vanochtend is begonnen in plaats van om 8 uur. Maar de sluiting is nu al vroeger voorzien, om 4 uur in de middag. ‘Dat mensen dat accepteren, zo’n verandering,’ app ik. ‘Het is hier Burundi, weet je wel,’ krijg ik terug.

Vanuit het Nederlandse thuisfront krijg ik te horen wat er op Burundese sites te zien is. Er zijn inderdaad veel verslaggevers het land ingetrokken en er zijn berichten sinds al vanochtend om 6 uur. Zelf kan het hier dus niet zien, maar ik kan wel zo’n beetje raden naar de beelden: Windowdressing voor mensen zonder ramen en met weinig kleren.

Berichten in Nederlandse kranten over de politieke situatie hier, kan ik wel lezen. Die behoeven hier op dit moment geen samenvatting, want die kan iedereen zelf lezen, nu er eindelijk weer eens aandacht voor het land is. In feite zijn het achtergrondverhalen, over het almachtige gedrag en het religieus getinte imago van de president, die zijn kaarten heeft gezet op de rurale bevolking, verreweg minder geïnformeerd en veel talrijker dan de stadsbewoners. En inderdaad: geen teken van aanwezigheid van buitenlandse journalisten in het land. Die zullen vanavond wel naar de lokale berichten kijken om een verhaal te maken. Zij kunnen dat wel lezen, ik hier niet. Maar de achtergrondverhalen brengen me toch even aan het denken: Wie bedoelde mijn eerste app-vriend vanmorgen met ‘le tout puissant’? Nee, dat kan niet, denk ik, die vriend is echt heel religieus.

Verantwoording:
De informatie die is gebruikt voor dit bericht van Kennis zonder Grenzen is verkregen uit contacten met mensen uit Bujumbura en van openbare media. Voor de helderheid: de foto is niet van vandaag!